Version User Scope of changes
Jan 26 2010, 6:59 AM EST (current) Tijs 157 words deleted
Jan 20 2010, 8:13 AM EST Je_Suis_Barry 1 word added, 6 words deleted

Changes

Key:  Additions   Deletions
Live van Hans van Manen behoort tot klassiekers onder de Nederlandse dansvoorstellingen. Het is de openingsact van Springdance 2010 en Bojana Mladenovic deed onlangs een re-enactment van het stuk. Maar mag je die re-enactment zomaar re-enacten? En mogen we dit werk over vijftig jaar nog aan onze kleinkinderen laten zien?
Wij verhouden ons tot de klassiekers. Niet alleen tot de stukken zelf, maar ook tot de manier waarop zij gemaakt zijn en tot de manier hoe die klassieke stukken het idioom een jonge generatie kunstenaars en een jong publiek nog kunnen inspireren.

De leerling-meester traditie en de industriële manier van produceren, met een verregaande hiërarchische arbeidsverdeling, zetten de dans onder druk. Het is een apparaat dat werkt vanuit sjablonen. Waar vind je ruimte voor innovatie van de productiemethode waar nieuwe tactieken, methodes en verhoudingen, zich kunnen ontwikkelen? Daar gaat Piracy over. Deze productie bestaat uit de kunstenaars van Sweet and Tender die inbreken op hun favoriete werk uit de dansgeschiedenis. Deze kunstenaars zijn:

Pieter Ampe
Begüm Erciyas
Guilherme Garrido
Mariella Greil
Anja Muller
Tommy Noonan
Jean-BaptisteVeyret-Logerias

Zij werken vanuit een aantal vaste regels:

Er moet ingebroken worden in hun favoriete werk
De maker moet zich verhouden tot dit bestaand werk
De maker reflecteert over zijn eigen productieproces
De maker innoveert zijn eigen productieproces
De maker doet zoveel mogelijk zelf (al is hij ervan bewust dat dit een utopie is)
De maker probeert zoveel mogelijk mensen bij zijn werk te betrekken
De maker produceert een volledig afgeronde voorstelling
De maker stelt zijn stuk onder Creative Commons ter beschikking aan de samenleving
Er is geen marketingbudget

De zeven makers werken met een vast productiebudget van 2500 euro. Hiervoor werken zij maximaal twee weken met maximaal drie personen aan een stuk. Waar nodig betrekken ze studenten van Fontys Dansacademie. Zij doen dit in een collectieve vorm, waarin naast de productie van de individuele stukken ook reflectie op elkaars werk en de documentatie van dat proces van belang is.
Na afloop van elke voorstelling vindt een nagesprek plaats, waar de maker zijn beweegredenen aan het publiek uitlegt.

De voorstellingen zijn eigentijdse interpretaties van ons collectieve dansgeheugen. Alle beweging kent u al. We pretenderen ook om niets nieuws te brengen, maar deze interpretatie in de sociaal-maatschappelijke context kent u niet.

De producties zijn onderdeel van een grootschalig festival rond Piracy. Onderdeel van het festival is een Piracy conference waar vanuit verschillende disciplines naar het thema gekeken wordt. Onder andere auteur Matt Mason, beeldend kunstenaar Rob Scholte, muzikant/ componist Girl Talk en choreograaf Jerome Bel geven lezingen. Leden van Sweet and Tender geven plenair commentaar op de lezing van Jerome Bel, en vergelijken elkaars methodiek.


Waarom piracy
Wij zijn bekend met en enthousiast over programma's als Re:Move in het Kaaitheater. Toch vinden we dat programma, vergeleken met de methodiek van andere disciplines waarin Piracy plaats vindt, nog redelijk klassiek. Ook is er ons inziens nog weinig productie van nieuwe voorstellingen rond dit thema.

Wij kiezen bewust niet voor re-enactment, maar voor piracy. Piracy in onze tijd betekent dat je de grenzen opzoekt en daardoor gebruik maakt van andermans werk, en jouw verhouding tot andermans werk. Dit gebeurt om daarmee zeggingskracht te vinden en letterlijk een plek op te eisen. Je plaatst je niet onder de meester, maar in het werk van de meester. Wij kiezen voor dit thema omdat jonge makers binnen de hedendaagse dans, vergeleken met makers uit andere disciplines als beeldende kunst en muziek, struikelen over deze confrontatie. Beeldende kunst en muziek zijn makkelijker reproduceerbaar. De tijd en de energie om een klassieker te herensceneren binnen de dans is erg kostbaar en de juridische consequenties zijn risicovol. Niet alleen juridisch, maar ook voor je carrière.

Piracy gaat over de productiemethode en sociaal-maatschappelijke processen van beweging. Daarom nodigen we zeven leden van Sweet and Tender uit om zich te verhouden tot de klassiekers. Sweet and Tender is een groep van jonge kunstenaars die onderzoek doet naar collectieve productieprocessen. Het idee is om het netwerk van de kunstenaar te gebruiken om zijn eigen vakmanschap met anderen te verdiepen en uit te wisselen. Sweet and Tender ambieert niet om een artistieke opvatting naar buiten te dragen, maar wil juist de diversiteit van de individuele makers ondersteunen en de verbindingen aangaan met de locaties waar zij werken. Dit concept is erg interessant voor Incubate, omdat onderwerpen als co-creatie en netwerkvorming vaak terugkeren binnen het festival en de organisatie.

De methode van Sweet and Tender leent zich uitstekend voor het thema Piracy. Voorgaande jaren brachten we al verscheidene mensen uit het Sweet and Tender netwerk als Jenny Beyer en Micheline Torres. Zij onderscheiden zich door een grote Do It Yourself instelling en door een organische connectie die zij leggen met andere makers op het festival. Dit leverde waardevolle connecties op. Daarom maken wij de keuze om deze manier van werken centraal te stellen en deze makers in Nederland te introduceren.

Achtergrond
Zoals in iedere kunstvorm vinden de ontwikkelingen binnen de hedendaagse dans plaats in de kleinschaligheid van onderuit en in relatie met andere kunstvormen. Incubate vindt het daarom belangrijk dat het dansprogramma geïncorporeerd wordt binnen de bredere context van het festival. Dans moet de relatie aangaan met de andere kunstdisciplines die binnen het festival aan bod komen. Dit kwam afgelopen jaar goed uit de verf met dansperformances geïnspireerd door het werk van Hermann Nitsch. Voor het komende jaar gaan we het dansprogramma nog meer te integreren met de thematiek van het festival, door hierop kleinschalig te produceren.

Piracy en de auteursrechtenproblematiek zijn ook binnen de danswereld prominente thema's. Een voorbeeld hiervan is een belangrijke rechterlijke uitspraak uit 2002 waarin werd
bepaald dat het auteursrecht op 45 choreografieën van Martha Graham toebehoort aan het Martha Graham Center, waar Graham in dienst was toen zij deze choreografieën schreef. Feitelijk betekent dit dat Graham zelfs tijdens haar leven nooit het auteursrecht heeft gehad op haar eigen choreografieën.

Pas na deze zaak werden veel choreografen zich bewust van de onduidelijkheid van het copyright op choreografieën en begon men vast te leggen wat er met hun werk zou gebeuren na overlijden. Merce Cunningham, één van de grootste choreografen ooit, overleed afgelopen zomer. Hij liet de rechten op zijn werk vastleggen bij zijn Cunningham Trust. Hij heeft bepaald dat zijn werk na zijn dood nog twee jaar lang uitgevoerd mag worden en daarna nooit meer. Volgens Cunningham was hijzelf zijn werk, en stierf met hem zijn werk.

Een belangrijke vraag hierbij vinden wij of het werk van Cunningham zijn intellectueel eigendom is, of dat het door openbaarmaking publiek bezit is geworden. Het is de vraag welk belang hier zwaarder weegt: de wens van Cunningham, of het publieke belang van de kunsten? Zou het werk van Cunningham niet voor het nageslacht behouden moeten worden?

Een belangrijke ontwikkeling binnen de dans- en performancewereld is de opkomst van re-enactment. Dit fenomeen bestaat al langer in een historische variant waarbij groepen mensen historische gebeurtenissen naspelen. Sinds het begin van de eenentwintigste eeuw doet re-enactment zich ook steeds vaker voor binnen de performancekunsten. Door re-enactment kunnen belangrijke performances en choreografieën getoond worden aan een nieuw publiek. Door het vluchtige karakter van dans en performance,
komt een hoop creativiteit kijken bij re-enactment, omdat bestaande instructies op papier of videoregistraties vaak niet voldoende zijn om de impact van een stuk te kunnen omvatten. Dit vraagt om veel kennis en verbeeldingskracht bij degene die het stuk interpreteert. Hierbij verliest de originele auteur zijn autoriteit en autonome zeggingskracht, ten faveure van de nieuwe uitvoerder. Binnen de performance kunst is re-enactment niet zo zeer een natuurgetrouwe kopie, maar eerder een soort remix, waarbij fragmenten uit bestaande stukken geïnterpreteerd worden binnen een nieuwe context.

Zoals in iedere kunstvorm is er een bepaalde basiskennis van de conventies en geschiedenis van het medium nodig, om deze op waarde te kunnen schatten. Maar in de danswereld, waar het publiek de dans tot zich neemt in de uitvoering, is het vanwege dit vluchtige karakter vaak lastig om hier een historische context aan te verbinden. Dit vluchtige karakter maakt dat veel choreografen minder nadruk leggen op de geschiedenis van de dans en hun eigen werk vooral ontwikkelen door het zoeken naar een eigen stijl. Daarom vindt Incubate het belangrijk om:
• te laten zien hoe de hedendaagse dans en performancekunstenaars omgaan met thema's als copyright en piracy.
• te reflecteren op de relatie tussen het gedachtegoed van piraterij enerzijds en de hedendaagse cultuur in het algemeen en dans en performancekunsten in het bijzonder anderzijds
• deze thema's tegelijkertijd aan te grijpen om bepalende, cruciale werken uit de geschiedenis van de dans nieuw leven in te blazen en te tonen aan een nieuw en breed publiek.

Incubate wil binnen het dansprogramma in 2010 onderzoeken hoe de huidige generatie choreografen, dansers en performancekunstenaars omgaat met deze thema's. Hoe verkennen zij de grenzen van het auteursrecht, is dit recht bevorderend voor de kunstenaar en zijn of haar werk, of is het auteursrecht juist te star en belemmert het de ontwikkeling ervan? Wordt er gebruik gemaakt van bestaand materiaal en bestaande ideeën om nieuw werk mee te maken? En wat is de toekomstvisie van de artiesten? Verschillende vragen die de context van de dans kunnen verdiepen en nieuwe inzichten kunnen bieden aan kunstenaars uit verschillende disciplines.

Incubate wil een contextueel programma bieden dat de grenzen binnen het vakgebied opzoekt, niet alleen op artistiek niveau, maar ook in de context van de andere disciplines en het centrale thema van het festival. Piracy is een maatschappelijke ontwikkeling die de consequentie is van het nieuwe media-gebruik. De doelgroep van het festival is veelvuldig bezig met deze razendsnelle ontwikkelingen, en heeft een andere toegang in de thematiek van het festival en dansprogramma. Dit kan zorgen voor inhoudelijke verdieping van de discussie rondom de vragen:
Wanneer is beweging dans? Wanneer is een choreografie authentiek en wanneer is het een kopie? Is kopiëren kwalijk, of kan het ook interessante nieuwe kunst(vormen) opleveren? Bestaat er überhaupt wel zoiets als een exacte kopie binnen de vluchtige kunstvorm dans?

Incubate Festival
Incubate is een culturele netwerkorganisatie en community op het gebied van Independent Culture. Hoofdactiviteit van Stichting Incubate is het Incubate Festival, een kunstenbreed festival op het gebied van Independent Culture. De organisatie van Incubate loopt voorop binnen internationale ontwikkelingen, zowel qua programmering voor het festival als marketing daarvan. Meer dan 200 culturele voorlopers uit binnen- en buitenland presenteren zich in een intieme context aan een internationaal publiek. Er is Black metal naast free jazz. Street art naast academische dans. Incubate vindt plaats van 12 tot en met 19 september 2010 in de gehele Tilburgse binnenstad, verspreid over zo'n 25 locaties. Van natuurtheater tot café. Van museum tot popzaal. Incubate is kleinschalige cultuur op een grootschalige manier.

Incubate Festival stimuleert cutting edge ontmoeting, verkenning en samenwerking tussen zowel artiesten, publiek als partners. Opgericht door een groep jonge artiesten in Tilburg, startte Incubate als een muziekfestival, maar verbreedde het snel zijn horizon naar andere disciplines zoals beeldende kunst, hedendaagse dans en experimentele film. Het festival staat in het teken van artistieke vooruitgang. Met een passie voor het onbekende fungeert het festival als een creatief netwerkknooppunt. Het is een plek waar artiesten, die zoeken naar de grenzen van vaststaande methodes van productie, distributie en consumptie, elkaar ontmoeten en zich mengen in lokale omgeving. Incubate brengt een mix van nieuw en opkomend talent naast gevestigde artiesten die al een impact hebben gehad op de Independent Culture. Met meer dan 200 artiesten gedurende een week en een mash-up van artistieke visie, podia, mediapartners en publiek, onderzoekt het festival zowel het bekende als het onbekende, en manoeuvreert het tussen kicks en overdenking.

Een uitgebreide beschrijving, onder andere van de artistieke visie en het begrip Independent Culture, is te vinden in het Policy Plan, toegevoegd als bijlage.

Kunstenbrede ontwikkeling van het festival
Deze productie stimuleert de verdere verdieping in de multi-disciplinairiteit van het festival, specifiek op het dansprogramma van Incubate. In 2005 startten de organisatoren het ZXZW-festival dat zich op dat moment voornamelijk richtte op muziek. Inmiddels biedt het festival onder de naam Incubate veel meer: ook hedendaagse dans, film en beeldende kunst zijn er ruim vertegenwoordigd. Afgelopen jaar werd hier inhoudelijk in geïnvesteerd door een uitgebreid programma rondom de performancekunstenaar Hermann Nitsch. Het was een eerste stap naar inhoudelijke verdieping van de kunstenbrede ontwikkeling van het festival. Deze investering dient de komende jaren verder uitgebouwd en doorontwikkeld te worden. De multidisciplinairiteit is een element dat nog niet tot volledige ontwikkeling bloei is gekomen op het festival. Evenwichtige investeringen en aandacht voor de verschillende disciplines is noodzakelijk om de juiste artiesten te verbinden aan het programma. In combinatie met de juiste marketingstrategie zorgt dit voor het gewenste publieksbereik.

De ontwikkeling van de multidisciplinariteit zorgt voor:
• Verbrede cultuurparticipatie: Incubate bereikt steeds meer doelgroepen uit verschillende disciplines in het kunst- en cultuurveld.
• Meer spreiding van publiek: bezoekers die getriggerd worden door het muziekprogramma, komen bijvoorbeeld ook in aanraking met de dansprogrammering. Een belangrijk element hierin is het centrale thema van het festival.
• Netwerkvorming. Kenmerkend voor Independent Culture is dat de spelers en artiesten gezamenlijk een sociaal netwerk opbouwen waarin sociaal kapitaal even belangrijk is als economisch kapitaal (wij noemen het Broederschap). Sommigen noemen dit ‘DIY’ of Do It Yourself. De kunstenbrede ontwikkeling van het festival is een geleider voor de ontwikkeling van interdisciplinaire netwerken.
• Brede talentontwikkeling. Op Incubate presenteren artiesten zich in een internationale context aan een internationaal publiek. Investeringen hierin betekenen een evenwichtige aandacht voor de verschillende disciplines. Hiermee kan op het festival tevens de cohesie tussen deze verschillende kunstdisciplines beter worden weergegeven.

Waarom op Incubate?
De keuze voor het thema Piracy op Incubate en de relevantie van Piracy binnen de samenleving wordt verder toegelicht in het document 'Thema en Artistieke Visie 2010' in de bijlage. Innovatie is een sleutelwoord op Incubate. Daarom organiseert Incubate bijvoorbeeld ook jaarlijks een Innovation Lecture. Dergelijke programmaonderdelen, in relatie tot de multidisciplinairiteit, geven reflectie op de positie van kunst en cultuur binnen de samenleving. Deze reflectie levert ons en anderen veel kennis op, wat voorgaande jaren ook bleek uit de opkomst en de reacties van de bezoekers.
Voor kunstenaars is het belangrijk om na te denken over de verspreiding van hun werk en de eventuele rechten die met een werk verbonden zijn. Dit wil het festival dan ook graag ondersteunen. Het thema piraterij komt voort uit deze ontwikkelingen. Incubate is een grootschalig en multidisciplinair festival dat ongeveer 250 artiesten brengt. Wij willen die artiesten in een onderlinge context brengen. Het dansprogramma, gerelateerd aan de context en het centrale thema van het festival, levert een belangrijke bijdrage aan deze ontwikkeling. Dit is zeer waardevol voor zowel artiesten, bezoekers als het festival zelf.

Piraterij en de daarmee samenhangende ontwikkelingen, zoals Creative Commons, passen prima in de artistieke criteria van Incubate en Independent Culture (vrijheid, gelijkheid, broederschap). We proberen ons steeds te onttrekken aan het gevestigde, het voor de hand liggende en het conservatieve. Zowel met het programma als met productiemethoden. Incubate is als relatief jonge, flexibele en digitale organisatie betrokken bij de ontwikkelingen rondom piraterij en auteursrechten. Op dit moment zijn we een van de weinige festival- en podiumorganisaties die zich actief in deze discussie mengt. Dit vinden wij opmerkelijk, omdat deze discussie aan de basis ligt van de hele productie, distributie en receptie van kunst. Het is de aloude vraag hoe kunst binnen de samenleving zou moeten functioneren en hoe de samenleving volgens de kunst zou moeten functioneren. Daarom vinden wij het belangrijk deze materie op een grootschalige manier op het festival te onderzoeken en hierbij ook de bezoeker en de artiest betrekken.

Van 12 tot en met 19 september 2010 zijn er rond het thema piraterij optredens, films, exposities, workshops en lezingen verspreid over diverse locaties in Tilburg. Het thema piraterij is in de hele organisatie van Incubate doorgevoerd. Bezoekers betalen volgens het 'Pay What You Want-principe'. Alle plannen van de organisatie zijn voor iedereen beschikbaar via het Social Festival Model: www.socialfestivalmodel.org.

Marketing
Voor de algemene marketing van Incubate verwijzen wij graag naar het Policy Plan in de bijlagen. Daar is meer te lezen over de marketingvisie, doelstellingen, doelgroepen, promotionele activiteiten en mediapartners van het festival. Ons plan wordt via een community continu aangescherpt via open source. Dit proces is te volgen via de site socialfestivalmodel.org Daar kunt u doorklikken naar relevante informatie en terugvinden wie meeschreven. Wij ontwikkelen ons beleid in samenwerking met buitenlandse partners. Daarom is de algemene marketing van het festival beschreven in het Engels. In dit onderdeel gaan we in op de specifieke marketing voor het dansprogramma.

De marketing van het project is no-budget. Zij maakt gebruik van de promotiemodellen en verdienmodellen die piraten gebruiken. Dit zijn:

Adbusting
Adbusten is h
et veranderen van reclames en merklogo's waardoor een parodie op de originele adverteerder ontstaat. Adbusters, de ontwikkelaars van het mechanisme, zijn te gast op Incubate. Voorgaande jaren gebruikten we al kale posters met een enkele tekst. De posterlijn van dit jaar is gebaseerd op het gebruiken van bestaande en gecombineerde slogans als "Just make things better" (een combinatie van "Just do It" en "Let's make things better"), "It's the fake thing" (Als reactie op Coca Cola) en "Voor als er 'n fuif is" (van Duyvis). Via een social media campagne wordt de community van Incubate gevraagd om de beste slogans te leveren.
Pay What You Want-principe Wat is cultuur voor mensen waard? Pay What You Want (PWYW) is een nieuwe participatieve marketingstrategie waarbij de consument de controle over de prijs heeft en zelf bepaalt wat die voor een product of dienst betaalt. Incubate past deze toe en werkt daarnaast met een freemium variant. Bezoekers kunnen zelf bepalen wat ze voor Incubate willen betalen. Binnen de premium variant, waarvoor wel een vast bedrag betaald moet worden, krijgen bezoekers extra service in de vorm van gratis maaltijden, korting op drank, gratis tijdschriften en andere zaken die gesponsord worden door maatschappelijke partners. Het introduceren van PWYW levert word of mouth reclame, media-aandacht en extra publieksbereik op. Tevens versterkt Incubate hiermee haar innovatieve positie en zorgt het voor extra beleving. De vakgroep Sociale Psychologie van de Universiteit van Amsterdam meet de effecten van PWYW op motivationele aspecten als sociale kracht, actie-oriëntatie en cognitieve controle.
Activisme
Incubate houdt zich al actief bezig met piraterij. Via onze blog reageerden we op de embed-regeling van Buma/Stemra, die door veel andere media werd overgenomen en we zijn ook actief in panels over file sharing. Deze lijn, van reageren op nieuws, blijven wij voortzetten. Dit levert veel free publicity op en zorgt ervoor dat wij het thema Piracy op een authentieke manier brengen en we het thema als een ware piraat kapen.

Bij dit programma zijn vier doelgroepen te onderscheiden:
  1. De liefhebber van hedendaagse dans
  2. De vaste bezoekers van Incubate
  3. Studenten van Fontys Dansacademie
  4. Piraten en geïnteresseerden in de thematiek
  5. De persoon binnen de grote massa met een bovengemiddeld interesse voor kunst en cultuur

Bij Piracy lopen programma en marketing hand in hand; het maatschappelijk discours is onderdeel van het werk. Dit levert voor Incubate een grote kans op, aangezien het festival vlak na de komkommertijd plaatsvindt.

Daarnaast is een belangrijke marketingactiviteit het creëren van buzz. Buzz is een manier van hypen onder consumenten, die een affectie bij een product veroorzaakt. Positieve buzz is vaak een doel van public relations en van Web 2.0 media. Voor dit project betekent dit dat er ver voor aanvang van het festival nieuwsitems, blogposts, bulletins en andere items met behulp van verschillende web 2.0 applicaties uitgezonden worden. Door het langzaam opbouwen van 'namedropping' wordt de herkenbaarheid van de thematiek onder de bezoeker van het festival vergroot. Het maakt dat onderwerpen bekend worden onder de bezoekers, deze zich wellicht gaan verdiepen in de context, dat deze bespreekbaar wordt gemaakt en er mond-tot-mond reclame en buzz ontstaat. Volgens een McKinsey-onderzoek van mei 2001 in de Verenigde Staten wordt 67 procent van de verkoop van goederen beïnvloedt door mond-tot-mondreclame. In onderstaande afbeelding is een schema te zien van de peer-to-peer marketing.

Peer 2 Peer Marketing
Peer 2 Peer Marketing

Deze benadering zal echter niet voor alle vier de doelgroepen van het project werken. Voor elke groep is een aparte marketingstrategie en -benadering nodig:

De liefhebber van hedendaagse kunst en avant-garde is de persoon die de Metropolis M, Groene Amsterdammer, De Witte Raaf, HTV de IJsberg en de kunstbijlage van NRC leest, blogs als Trendbeheer volgt en werk van deelnemende kunstenaars waarschijnlijk al kent. Vooral door mond-tot-mondreclame binnen de scene van de doelgroep neemt deze persoon kennis van het project, en wordt op deze manier overgehaald tot bezoek. Een voordeel van deze persoon is dat deze vaak zelf op zoek gaat naar nieuws rondom zijn of haar interesseveld, en hierdoor relatief makkelijk te bereiken is. Een nadeel is echter dat dit een redelijk nieuwe doelgroep is voor Incubate, welke niet automatisch wordt aangesproken door de rest van de festivalonderdelen. Uitsluitend promotie binnen de community van Incubate is niet voldoende om deze doelgroep te bereiken. De manier om dit op te vangen is door specifieke interessante media voor deze doelgroep te benaderen, en free publicity te generen door (achtergrond)artikelen over de thematiek en kunstenaars. Daarnaast dienen advertenties strategisch ingekocht te worden in bladen als Metropolis M en weblogs als Trendbeheer. In combinatie met mainstream media die bereikt wordt tijdens de komkommertijd, levert dit een groot bereik op bij deze doelgroep. Verder wordt deze groep aangesproken door een mediapartnerschap met De Groene Amsterdammer. Deze is partner in het discussieprogramma en zal voorafgaand aan dit project een themanummer over piraterij publiceren.

De vaste bezoeker van Incubate is natuurlijk het makkelijkst om te bereiken. Dit is de persoon die een grote interesse heeft in muziekstijlen als dubstep, en erg betrokken is bij tegencultuur. Een bovengemiddelde interesse in de concepten van piraterij en Do It Yourself is aanwezig bij deze groep. Die interesse wordt verder aangewakkerd door de programmering van artiesten zoals Girl Talk, Jerome Bel en dj Rupture, die bij de doelgroep al bekend zijn. Deze worden gepresenteerd binnen het Piracy programma op het festival. Dit project kent een educatieve en verdiepende functie voor deze doelgroep; zij krijgen de kans zich te verdiepen in de artistieke betekenis van piraterij, gekoppeld aan de historie de inspiratie die dit levert aan moderne kunstenaars en opvattingen die erover leven bij zowel critici als bezoekers. Deze doelgroep is vooral te bereiken via de community van Incubate. Door buzzvorming, zoals hiervoor reeds uitgelegd, gaat Piracy steeds meer leven onder de doelgroep, en ontstaat tevens mond-tot-mond reclame. Een voorbeeld hiervan: op het moment van het schrijven van deze aanvraag vindt via Twitter en de Incubate-blog namedropping van en rond Piracy plaats.

Piraten en geïnteresseerden in de thematiek zijn computerprogrammeurs, piraten, hackers, crackers, web 2.0 experts, media-activisten en andere mensen die zich bovengemiddeld bezig houden met technologie, in het bijzonder met computers en nieuwe media. Deze groep is moeilijk via reguliere media te bereiken, omdat ze voornamelijk opereert via niche-media als blogs, en fora waar authenticiteit en scene-credits belangrijk zijn. Door het gebruiken van social media is Incubate al redelijk binnen deze scene actief. De marketingweblog Bijgespijkerd, internetbedrijf Freshheads en de Piratenpartij zijn betrokken om deze mensen te bereiken, maar het belangrijkste voor deze marketing zijn microcelebrities. Zij zijn extreem bekend binnen een kleine groep mensen, en hebben binnen deze kleine groep mensen een hoge status. Natuurlijk is dit van alle tijden, alle Eindhovenaren kennen Arnold de straatpredikant. Vroeger waren microcelebrities redelijk beperkt door geografische factoren of specifieke interessegebieden. Door social media zijn er nieuwe microcelebrities als Nalden ontstaan. Microcelebrieties worden betrokken voor communicatie over het project.

De persoon binnen de grote massa met een bovengemiddeld interesse voor kunst en cultuur is de persoon die Nieuwe Revu en Vice leest, naar festivals als Lowlands en het IFFR gaat en de Design Week bezoekt. Deze persoon bezoekt onregelmatig een culturele instelling en is voor het festival lastig te bereiken, omdat hij of zij weinig affiniteit heeft met de identiteit van Incubate. Toch kan dit project of onderdelen ervan interessant zijn voor deze doelgroep. De doelgroep haalt veel van zijn informatie en nieuws uit mainstream media die voor Incubate moeilijk te benaderen zijn. Een manier om dit te ondervangen is door gebruik van de komkommertijd in combinatie met het activisme van Piracy, zoals eerder aangehaald. De maatschappelijke relevantie en de controverse ervan is echter niet genoeg om de mainstream media aan te wakkeren. Hiervoor is een extra nieuwswaarde nodig. Nieuwsitems gaan immers steeds vaker over incidenten. Daarom worden met Pirate Party een aantal acties ontwikkeld om het thema in Nederland extra op de agenda te zetten.

Relatie met de samenleving
Vraag het de oom op het verjaardagsfeest en hij heeft vast een mening over piraterij, of het nu gaat over een Adidas jasje uit Thailand of over het downloaden van mp3-bestanden. Dit project komt voort uit discours binnen de kunsten, binnen de maatschappij en binnen de community van Incubate. Met Piracy willen wij de relevantie van piraterij binnen de breedte van de hedendaagse kunstpraktijk onderzoeken en ons tegelijkertijd meer sociaal-maatschappelijk engageren. Dit gebeurt door discussies, het betrekken van een jonge generatie kunstenaars, via mediapartners het project 'embedden'' binnen de kunstkritiek. Tevens werken we veel samen met onderwijsinstellingen als Studium Generale, Fontys Hogescholen, Avans Hogescholen en Academie voor Popcultuur Leeuwarden.


Organisatie
Een goed concept vraagt om de juiste uitwerking. Incubate heeft ervaring met grootschalige multidisciplinaire kunstprojecten. De genoemde projecten als Sun Ra Arkestra en Nitsch hebben de organisatie leren werken met de dynamiek van het organiseren van multidisicplinariteit. Deze vragen namelijk om een andere mimiek en fasering dan bijvoorbeeld singuliere muziek- of theaterprojecten. Een van de doelstellingen van Incubate is om het multidisciplinaire karakter van Incubate voor de komende jaren beter te manifesteren. Met dit project doet de organisatie nieuwe kennis en ervaring op om deze doelstelling de komende jaren met succes te volbrengen.

Vincent Koreman is artistiek leider van Incubate. De artistieke leiding en coördinatie van dit project is in handen van Sonja Augart. De productie is in handen van Frank Kimenai. Een uitgebreide omschrijving van de Incubate-organisatie is te vinden in de bijlage.
Incubate heeft geen verkoopapparaat voor dansvoorstelingen. Het zou ook niet bij de werkwijze van het project horen als wij als traditioneel impresariaat of als co-producent optreden. Incubate heeft goede relaties met festivals als STRP, Transmediale (DU), Futuresonic (UK), Todaysart en Europe Mania (Hu). Het zal haar best doen deze productie daar te plaatsen. Daarnaast nemen de artiesten, zoals het bij Sweet and Tender hoort, de verantwoordelijkheid op zich om de voorstelling zo vaak mogelijk te spelen. Met de low-budget aanpak en met de raakvlakken met andere disciplines moet dat lukken.



Sweet and Tender

Sweet & Tender Collaborations is first and foremost an idea for cultural production and exchange. It is an artist-driven initiative and an artistic project in constant development. Sweet and Tender consists of an international group of individual artists that does not share in a single artistic value or aesthetic, but is instead organized around an idea for artistic collaboration and production. It operates on the idea that any individual who can create the conditions for his or her own artistic production and development can also create the space for someone else. It is the idea that a network of individuals can combine their resources to realize a level of access, mobility and growth that would not otherwise be available to each artist alone. The aim of S&T collaborations is to increase the quality of the individual artistic practices as a result of the direct confrontation between self and others. In this way, a difference in content is respected, while a common and evolving practice of experimental exchange is established. We believe that this method of exchange can produce a more dynamic and fertile ground for individual and cultural development. Sweet & Tender seeks to put the power of cultural production and exchange more into the hands of artists themselves, and to push forward the public notion of performance and cultural exchange in the 21st century. The network dares autonomous and institutional structures to take a risk and become more porous and engaged through creative exchange with Sweet & Tender Collaborations.

History

Sweet and Tender Collaborations began as a grass-roots initiative from a group of participants in the 2006 DanceWEB program at ImPulsTanz Festival in Vienna. Over the next year, it launched a variety of small projects in Portugal, Greece, Serbia, and Germany. In August 2007, Sweet & Tender successfully completed its first annual meeting, organized in collaboration with Jean-Marc Adolphe and the Association SKITe and took place in PAF, Performing Arts Forum in France. It has received funding from many partner institutions across Europe, the Americas and Australia, and has since launched new collaborations with Festivals in France, Italy, Great Britain, Germany, Portugal and Belgium.

Structure

Outside its meetings, Sweet and Tender Collaboratons exists as a myriad of individually produced projects, and is centralized only in virtual space and through a board of facilitators. Projects can vary in form and content, from residencies and research collaborations, to specific productions, to opportunities for education and exchange. Responsibility to initiate and produce projects lies with the participating artists themselves, rather than with any central administration. As a completely grass-roots, artist-driven network, Sweet & Tender organizes itself in the lightest possible structure. Indeed the great majority of Sweet & Tender artists have their own structures. Thus administration is either channeled through the artists’ organizations (according to localities) or, as is especially the case for the Sweet and Tender Collaboratons / SKITe meetings, centralized in one major partner organization.

Pieter Ampe
Studeerde vorige zomer af aan P.A.R.T.S. met twee opmerkelijke duetten en zal in de toekomst zijn parcours verder uitbouwen onder de vleugels van CAMPO. Hij danst bij Anne Teresa de Keersmaeker en werkt met de alternatieve rockgroep The Germans. Onlangs produceerde hij met Guilherme Garrido de voorstelling Still Difficult Duet.

Begüm Erciyas
Wwhile studying molecular biology and genetics, begüm erciyas was introduced to contemporary dance through an amateur university contemporary dance group and started getting more and more interested in contemporary choreographic practice. with time she became involved in various dance projects in turkey. she was engaged in[laboratuar], a performance arts research and project group. after university, she studied at salzburg experimental academy of dance. she received the danceWeb scholarshipin 2006. in 2007/08 she has been working in residence inAkademie Schloss Solitude, stuttgart, andWorkSpace Brussels. her recent works are margins (2005), Free Tryout Version (2005), circuits (2005), the convergence (2006), camera obscura (2006), sites (2007), Distilled (2008) and left (2008).

Guilherme Garrido
Guilherme Garrido genoot een opleiding beeldende kunst en volgde verschillende dansworkshops, o.a. aan het Forum Dança in Lissabon, Portugal. Momenteel werkt hij als danser en choreograaf. Hij danste bij Maria Clara Villa-Lobos en Ibrahim Quraishi.Tegenwoordig werkt hij vooral als choreograaf en performer in samenwerking met verschillende andere kunstenaars. Hij creëerde met de Belg Pieter Ampe het hilarische 'Still Difficult Duet', waar binnenkort een vervolg op komt.

Mariella Greil
Mariella Greil is een Oosterijkse kunstenaar die in London en Wenen leeft en werkt. Ze studeerde aan de ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem (afdeling Dans) en in Wenen aan de Universiteit voor Muziek en Performing Arts. Haar werk en interessegebied omvatten choreografie, performance, tableau vivants, installaties en samenwerkingsverbanden met kunstenaars uit diverse disciplines. Zelf werkt zij in cross-over projecten waarvoor zij concepten ontwikkelt.

Anja Muller
Anja Muller was born in Berlin, were she is living. After having a childhood where singing, dancing around, making rhythmic gymnastics, being in nature, sharing cool hiphop movements, building robots out of everything were quite dominant, Anja Mueller decided to study law, because she thought it would be better to understand these rules of society and politics than constantly live out from desire and intuition. Hypnotised by a piece by Batsheva Dance Company and there animal like, bone less movement she interrupted the study to go for an education in Contemporary Dance in Berlin. She continued her studies in Amsterdam with the 2 year Master Program "Dance Unlimited" in Choreography and New Media. She received the danceWeb scholarship in 2006.

Tommy Noonan
An American artist, born in Durham, North Carolina in 1983. He holds a degree in Literary Theory and Art History from Vassar College in New York.Tommy has studied with and participated in the workshops of Steve Rooks, Kathy Wildberger, Donald McKayle, Gerri Houlihan, Meg Stuart, Ming Yang, Emio Greco, KJ Holmes, Xavier Le Roy, and William Belle among others.In 2005-2006 he presented his work in New York City with the HATCH series, Conversations at the Flea, and at the Merce Cunningham Studio. In Europe his work has been seen with Lucky Trimmer in Berlin, Theater Freiburg-Heidelberg in Germany, and Maus Habitos in Porto, Portugal.He received a DanceWEB scholarship to attend Impulstanz in 2006.In 2007 he was invited to present his collaboration with theater director Anna Szopa:This Is The Thing With Beckett:at the Wroclaw Nonstop Theater Festival in Poland, as well as his solo:now herein the 'Best of Lucky Trimmer' series at Tanz im August, Berlin.He currently works as a performer and choreographer withpvcin Freiburg, Germany. In the fall of 2008 he launched and directed the project:Tout Court-- a collaboration between
Sweet and Tender and pvc-Tanz.

Jean-BaptisteVeyret-Logerias
Beside his studies in linguistics, Jean-Baptiste practiced dance at the University and discovered production management at the Centre chorégraphique national de Tours / artistic director Daniel Larrieu. Thereafter he worked as production manager for several dance companies and continued his dancing.In 2005 he became one of the first students of the new ‘Essais’ programme at the Centre national de danse contemporaine in Angers / artistic director Emmanuelle Huynh, where he was invited to develop his own ideas on movement and staging. There he was an author and interpreter in several projects, such asMy Country Musicby the American choreographer Deborah Hay, of which he did a solo adaptation,acclimatation. He also created a solo piece which was the beginning of his personal research, and then producedchambre son, a choreographic and vocal piece for an a capella choir. Moreover he was invited by the CNDC to give some workshops on singing to the students of the two year training programme for professional dancers.
Indeed since 2000 he has been a member of the vocal ensemble Les Djinns, where he is both a singer and choir leader. In 2003, he was part of the vocal ensemble conducted by Pierre Calmelet which won the silver medal at the national competition of the Florilège Vocal de Tours International Choral Competition in France.
After finishing his formation in Angers in 2006, he created the association la dépose to produce his own work. In 2007 he directed the choreography for a short film,Vodka Cola, made by FEMIS student Jonathan Desoindre, and initiated a research on breathing using vacuum cleaners,inspiratoire/aspiratoire, that was premiered at maus habitos in May 2008. In August 2007 he took part at Performing arts forum in the first edition of sweet & tender collaborations, and in this framework was an interpreter and collaborated to many collective projects.